Het bizarre levensverhaal van oud-Pekelder Gerrit Smit

Oude Pekela

Gerrit Smit werd geboren op 17 april 1944 in Oude Pekela. Het leven van de postbezorger uit Hazerswoude-Rijndijk kende een tumultueus verloop. Vele jaren later heeft hij zijn levensloop in kaart proberen te brengen. "Of ik de feiten allemaal goed heb, weet ik niet. Wellicht zijn er mensen in Oude Pekela van omgeving, die mij kunnen helpen."

Hongerwinter 1944. Geen ideale tijd om een kind ter wereld te brengen. Smit was dan ook niet gewenst, een ongelukje. "Mijn moeder, Marta Alberdina Smit, was al vóór de Tweede Wereldoorlog uitbrak getrouwd met Geert de Boer. Ze hadden samen twee zonen, Sietse en Jan. In 1942 werd De Boer opgepakt door de Duitsers om in Duitsland te werken, vermoedelijk in een wapenfabriek. Kort hierna is mijn moeder in contact gekomen met Gerrit Haan, die destijds caféhouder en veehandelaar was in Oude Pekela. Ook Gerrit Haan was getrouwd." Marta en de kroegbaas kregen een relatie. Toen Marta zwanger raakte waren de rapen gaar. Gerrit huurde een vriend in die zou zorgen dat het ongeboren kind nimmer ter wereld zou komen. De abortus uitgevoerd met breinaalden mislukte echter. Marta kwam in het ziekenhuis terecht; Gerrit moest een tijdje achter tralies voor zijn aandeel in de mislukte abortus. Ellende "Toen Geert tegen het einde van de oorlog terugkeerde naar Oude Pekela brak de ellende uit. "Hoe en wat er allemaal daarna gebeurd is weet ik niet. Wel dat Marta in paniek mij in de kinderwagen voor het gemeentehuis van Oude Pekela heeft gedumpt en er vandoor is gegaan. Waarheen wist niemand op dat moment." Gerrit Smit kwam uiteindelijk terecht bij de familie Dusseljee terecht, een paar kilometer buiten het dorp. "Het was er niet alleen erg smerig in huis; het stonk er overal." Op ongeveer een kilometer afstand, aan de Mallemolen, woonden Albertus en Tallegina Doddema. Toen Albertus de familie Dusseljee eens bezocht, zag die hoe het er, met name op het gebied van hygiëne en leefomstandigheden aan toe ging. "Op de vraag van wie het kind was, antwoorde Dusseljee dat ze het kind van de gemeente hadden meegekregen. Hoe dat in werkelijkheid in zijn werk is gegaan ben ik nooit te weten gekomen." Doddema is na zijn bezoek aan Dusseljee naar de politie gegaan om zijn verhaal te doen. Besloten werd dat Doddema, die nog twee kinderen had: Rike en Metje, het pleegouderschap op zich zouden nemen. Bij de Doddema's had Gerrit, mede door de driftbuien van Albertus, ook geen mooie tijd. De sfeer werd alleen maar minder toen hij vragen stelde over zijn achtergrond. "Op mijn schoolrapport stonden twee achternamen, Gerrit Smit (Doddema). Ook waren er kinderen in mijn klas die blijkbaar meer wisten als ik." LTS Winschoten Na de lagere school ging Gerrit naar de LTS in Winschoten, om na drie jaar aan de slag te gaan bij een trailerbouwbedrijf in Oude Pekela als machinebankwerker. Daar meldde zich op een dag een jongeman, Sietse de Boer, die meldde dat Gerrit en hij halfbroers waren. Beiden zonen van Marta Alberdina Smit. "Thuis bij de Doddema's werd de verstandhouding er toen niet beter op. Wel ben ik ze nog altijd dankbaar dat ze me groot gebracht hebben, maar ik heb nooit het gevoel gehad dat ik er bij hoorde als hun zoon." In zijn diensttijd in Maastricht leerde Gerrit Karel Tepper uit Winschoten kennen. Ze trokken veel met elkaar op en Gerrit kwam ook veel bij Karel thuis. Uiteindelijk werd besloten dat Gerrit bij de Teppers ging wonen. De reactie van mevrouw Doddema was kort maar krachtig: 'Nou als je het beter kan krijgen moet je dat maar doen.' Ze gaf Gerrit nog een foto mee en een spaarbankboekje met daarop 60 gulden. Het spaarbankboekje liet Gerrit achter. Gedurende zijn diensttijd in Steenwijk leerde Gerrit zijn vrouw Tiny kennen. Ze trouwden op 19 augustus 1966. Later, op 27 augustus 1967, werd oudste zoon Bert geboren; anderhalf jaar later volgde Karel. Gerrit ging werken bij Phillips in Winschoten en kocht in 1977 een huis in de Rozenstad. Gerrit ging verder met de zoektocht naar zijn afkomst en klopte op een dag aan bij mevrouw Doddema, die hem het adres gaf van zijn verwekker kroegbaas Gerrit Haan. Laatstgenoemde ontkende alles, net als zijn toenmalige vrouw Geertruida Holvast. "Wel wilde Gerrit Haan mijn adres hebben, want hij wou toch nog wel verder met mij praten. Dat heb ik gedaan. Helaas is het er niet van gekomen. Ik hoorde van mevrouw Doddema dat hij een maand later plotseling door een hartstilstand was overleden." Ook de zoektocht naar moeder Marta liep uit op een teleurstelling. "Ik herinnerde mij dat de de beambte, toen mijn vrouw en ik in ondertrouw gingen, een kaart uit het bevolkingsregister waarop vermeld stond: Marta Alberdina Smit, geboren te Veendam." Op het gemeenthuis inn Veendam kreeg Gerrit het adres van zijn moeder, die in Breda woonde. Hier is iemand voor jou "Nadat ik aanbelde op het adres, deed een man de deur open. Op mijn vraag of Marta Smit hier woonde, antwoorde hij met 'ja' en riep: "Marta hier is iemand voor jou." Ze zag me bij de deur staan en zei gelijk 'Gerrit', doelend op Gerrit Haan. Achteraf niet zo verwonderlijk, want ik vond zelf ook al dat ik wel leek op Gerrit Haan. Zij ontkende niets en zei ook dat Gerrit Haan mijn vader was. Ze scheen het leuk te vinden dat ik haar opgezocht had , liet me het hele huis zien en foto's van nog na mij vijf dochters van verschillende mannen. Geen van allen heeft ze zelf groot gebracht. Eentje was bij de nonnetjes groot geworden vertelde ze en de andere vier bij pleeggezinnen en in opvanghuizen. Op mijn vraag waarom ze mij bij het grof vuil heeft gezet en nooit meer een poging heeft gedaan om mij terug vinden of op een op andere manier met mij in contact te komen, deed ze heel luchtig af met "Ach joh, het was oorlog en dan gebeuren dat soort dingen." Gerrit Smit had daarna nog contact met twee halfzusjes. "De eerste die ik opzocht woonde in de rosse buurt van Arnhem en bleek een prostituee te zijn en drugsverslaafde. Ze vertelde me ook nog dat moeder Marta ook als prostituee gewerkt heeft in Utrecht. Ze woonde toen in Heeswijk. Dit was haar eerste woonplaats nadat ze uit Oude Pekela was gevlucht. Het tweede halfzusje, Gina, heeft mij opgezocht. Zij woonde met haar man en twee zonen in Rilland, twintig kilometer van Breda. Ze had mijn adres van moeder Marta gekregen, waar ze nog regelmatig kwam. Dit contact met Gina heeft het langst geduurd. Met haar heb ik heel veel dingen uitgezocht die ik nog niet wist. Ook het contact met halfbroer Sietse is verder niks geworden. Hij liet op een gegeven moment niets meer van zich horen." Marta leeft inmiddels niet meer. Ze is gestorven aan baarmoederhalskanker. Contact Mensen uit Oude Pekela en omgeving die meer kunnen vertellen over bovenstaande, kunnen contact opnemen met Gerrit Smit via: gtsmit.70@gmail.com

Auteur

Arjan Brondijk