Van politiebureau en Politbureau naar kamerverhuur

Winschoten

Het pand op de hoek van het Marktplein waar vroeger het politiebureau was gevestigd en waar later de Verenigde Communistische Partij (VCP) haar intrek nam wordt verbouwd tot een kamerverhuurbedrijf.

Sebastiaan Bodde die samen met zijn moeder het bedrijf gaat bestieren gaat uit van elf kamers. Daarvoor moeten nog wel de nodige sanitaire voorzieningen worden getroffen. Onder de titel Ons Bureau denken moeder en zoon die al 25 kamers in Winschoten verhuren het bedrijf operationeel te kunnen maken. De plek waar het huidige pand in 1931 zou verrijzen kent een rijke geschiedenis die begint met de woning waar geruime tijd W.P. Cornelissen, koster en organist van de tegenover liggende hervormde kerk woonde. Op die plek werd in 1931 het politiebureau gevestigd. Voor die tijd verbleven de koddebeiers in de marechausseekazerne aan de Burgemeester Schönfeldsingel. Er zijn ook geluiden dat in een grijs verleden het voormalige politiebureau aan de Engelstilstraat of het Oldambtplein was gehuisvest. Bij de verhuizing van de marechaussee naar het terrein waar ooit Stratings Steenfabriek was gevestigd (nu Klinkerplein) kreeg de politie onderdak in het nieuwe pand aan het Marktplein. Franse tijd In de Franse tijd kregen de dienders die tot die tijd als de 'Roode Roede' werden aangeduid vanaf 1812 de titel veldwagters. Gezien de bezoldiging was de baan niet bepaald een vetpot en het was dan ook gebruikelijk dat de baan naast een andere functie werd uitgeoefend. De salariëring werd later in die mate verbeterd dat het ambt fulltime kon worden uitgeoefend hetgeen ook betekende dat het korps gestaag groeide. In 1906 waren er reeds zeven veldwachters in dienst van de gemeente Winschoten en werd N. Verkaik als inspecteur aangesteld. In zijn ambtstermijn werd hij bevorderd tot commissaris en maakte hij de opening van het nieuwe pand aan het Marktplein mee. In 1936 werd Verkaik opgevolgd door J.B.S. Römelingh die eveneens de titel commissaris voerde. Römelingh vertrok in 1941 in oorlogstijd naar Leeuwarden, zijn opvolger P.J.H.C. Herten bleef tot augustus en werd opgevolgd door de uit Veendam afkomstige J. Bokma, die nauwe contacten met de bezetter onderhield. In de oorlogsperiode kwam de Nederlandse politie onder bevel te staan van de Befehlhaber der Ordnungspolizei Wilhelm Harster en hij moest de bevelen van de uit Oostenrijk afkomstige Höhere SS- und Polizeiführer Hans Albin Rauter doorgeven aan de verschillende politieposten in Nederland. Burgemeester Romijn In Winschoten poogde in 1940 de toen nog zittende burgemeester Romijn het korps dat uit tien personen bestond uit te breiden, maar deze poging werd in de kiem gesmoord net als het soortgelijke verzoek dat commissaris Herten een jaar later deed. De politie in de provincie Groningen werd vanaf het beruchte Scholtenshuis aan de Grote Markt in Groningen geregeerd. Na het ontslag van de Duitsers niet welgezinde burgemeester Romijn en de benoeming van NSB-burgemeester Drenth uit Nieuweschans werd ook Bokma vervangen door de opperluitenant en lid van het Rechtsfront Klaas Coenraad van den Hof. Nationaal-socialist Van den Hof was een rabiate nationaal-socialist die intensieve contacten met Hauptsturmführer Robert Lehnhof van het Scholtenshuis onderhield hetgeen weinig goeds voor de Winschoter bevolking betekende. Al snel na zijn aantreden werden een vijftal prominente Winschoter burgers als gijzelaar in Sint Michielsgestel in Brabant ondergebracht. Ook de deportatie van de Winschoter joden in oktober 1941 kunnen op het conto van Van den Hof worden geschreven. Daarnaast was Van den Hof betrokken bij het neerslaan van de staking in het voorjaar van 1943 naar aanleiding van de maatregel Nederlandse militairen weer in krijsgevangenschap te nemen. De staking bij de Gembo, de Noord Ned en de RAWI- matrassenfabriek werd door de politie neergeslagen. S.P.M. Gool Niet iedere politieagent was overigens van deze maatregelen gediend. Dienders Dieters en Rozema werden op het Scholtenhuis ontboden waar ze hun congé kregen. Na de zuivering van het korps aan het einde van de Tweede Wereldoorlog werd S.P.M. Gool na een interimperiode van brigadier Aldershof, als inspecteur aangesteld. Gool bleef tot in de jaren zeventig en maakte nog mee dat er plannen werden gesmeed om het te kleine politiebureau aan het Marktplein te verlaten. Uiteindelijk viel de keuze op nieuwbouw aan de Nassaustraat waar een nieuw en veel ruimer bureau zou worden ingericht. Daarna werd er verkast na de Beertsterweg waar het politiebureau nog altijd is gevestigd. Partijkantoor Het oude bureau aan het Marktplein deed daarna dienst als accountantskantoor en meer recent als hoofdkwartier van de Verenigde Communistische Partij (VCP) in het Oldambt. De communisten richten op de benedenverdieping het partijkantoor in. Politiebureau wordt Politbureau zeiden de Sodemmers destijds gekscherend. Het pand wordt nu ingericht als kamerverhuurbedrijf.

Auteur

Arjan Brondijk