Achter de schermen in De Klinker: Poppenkast! - column

Winschoten

Altijd al willen weten wat er backstage gebeurt in De Klinker in Winschoten? Programmeur David Stolk licht in het nieuwe seizoen een tipje van de sluier op. Om alvast in de stemming te komen, hier zijn eerste column: Poppenkast.

Het derde volwaardige seizoen van De Klinker staat al weer in de coulissen klaar om te beginnen. In het komende seizoen zullen wij een kijkje geven in het wel en wee, het werken en leven achter de schermen. Op het toneel ziet het er fantastisch uit. Maar ik zal u een geheim verklappen. Alles is nep. Onecht. Of zoals wij, nuchtere Oost-Groningers, zullen zeggen, wat een poppenkast. En dat kan het bij ons weleens zijn. Een poppenkast. Alles voor de bühne! Soms hilarisch, soms grappig, soms triest en vaak erg gezellig. Per seizoen staan er ongeveer 100 professionele voorstellingen bij ons op de planken. Zoveel mensen, zoveel wensen. Maar het valt mee hoor. Nog geen blauwe m&m’s, Grey Goose-wodka of een bus vol Bikini-babes. Het meest opvallende waren de twee kaastosti’s voor Herman van Veen en dat de kleedkamer precies 21 graden moest zijn voor Hans Dorresteijn. Zoals alles op het podium goud is wat er blinkt en alles perfect gaat (zo lijkt), zo anders gaat het achter de schermen. U, ons hooggeëerd publiek, weet ons steeds vaker en beter te vinden. Al is het ook voor een toiletbezoekje of een uurtje achter de computer. Maar vooral met evenementen, amateurvoorstellingen, donateursavonden en de professionele programmering. Tevens lukt het ons steeds beter om de ‘grotere’ namen naar Winschoten te halen. We zijn bijna, tegen wil en dank, acht jaar weggeweest en het is moeilijk, en leuk, je plek weer te veroveren in de theaterjungle. Het publiek, maar ook de artiesten moeten Winschoten weer ontdekken. Ons motto is dan ook ‘een groots theater in een klein stadje’. Daarom hebben we bij onze seizoenpresentatie een ‘Arjan Lubach’ – parodie filmpje gemaakt. ‘Carre first, De Klinker second, is that okay?’. Artiesten en gasten zijn erg te spreken over onze gastvrijheid, over het publiek en de prachtige zaal. Het ligt wellicht niet in onze aard, maar we kunnen trots zijn op ons prachtige cultuurhuis. Wat we vooral horen, is dat we iedereen als gelijken behandelen. Ook al ben je Paul de Leeuw, Bert Visscher, Simone Kleinsma of Jacob Veen van het Stadsjournaal. Iedereen wordt onderworpen aan de onvervalste en niemand-sparende Winschoter humor. Soms is het even wennen, vooral toen we Syb van der Ploeg hebben verboden langer Fries te praten in ons pand, maar vaak levert het een huiselijke en geweldige sfeer op en dan moet de voorstelling nog beginnen. Onze gasttechnici, de meereizende techneuten van het gezelschap, zijn af en toe slachtoffer van de te gezellige naborrel in ons theatercafé. Zo begon de voorstelling ‘Jeans’ in Veldhoven iets te laat, omdat het in Winschoten erg gezellig was. En daar zijn wij trots op. Eerst Winschoten spelen, dan sterven. De Klinker second. Groots geworden door groot te doen! Wij gaan voor, gaat u mee? En ik hoor u denken, wat een poppenkast. Tot snel in De Klinker. David Stolk

Auteur

Arjan Brondijk