Veel belangstelling voor Kapiteinslezing

Pekela

Bijna tachtig personen hadden afgelopen zaterdagmiddag belangstelling voor de kapiteinslezing die werd georganiseerd door het bestuur van het museum Kapiteinshuis in Nieuwe Pekela. Het evenement vond plaats in het plaatselijk hervormd verenigingsgebouw Het Tehuis.

Voormalig huisarts Feike Oppewal uit Nieuwe Pekela hield een inleiding over grote zeilschepen die vroeger als vrachtvaarders de wereldzeeën doorkruisten.

Tegenwoordig varen de windjammers als barken, klippers en schoeners veelal met passagiers en doen ze mee met grote wedstrijden. Ook bezoeken ze steden die Tallshipdagen als Sail-Amsterdam en Delfsail organiseren. Oppewal maakte zelf drie reizen met de viermast bark Europa. Twee trips vanaf Zuid-Amerika naar Europa en een reis vanaf de Azoren.

Het leven aan boord

Naast uitleg over de bouw en tuigage van de vaartuigen, vertelde de voormalige Pekelder huisarts tevens over het leven aan boord. Hij ondersteunde zijn lezing met dia’s en een film. Meereizen aan boord van een groot zeilschip is volgens Oppewal een groot avontuur. Onder het varen moet alles worden geleerd. De instructies worden gegeven door een vijftien koppige vaste bemanning. Zeilen zetten en reven, in het want klimmen, navigeren, kompas lezen, sturen, helpen in de keuken, en bijvoorbeeld schoonmaken. Aan boord is altijd een arts. Oppewal is tijdens een van zijn zelf een keer scheepsarts geweest.

Lange reis

Een lange reis met de Europa kan soms drie weken duren. Onderweg wordt, behalve calamiteiten, geen enkele haven aangedaan. Wie met de Europa of een ander tallship mee wil, moet eerst een vliegreis maken, alvorens aan te monsteren. Meevaren op de Europa is niet goedkoop. Oppewal heeft, exclusief het vliegen, meestal zo'n zestienhonderd euro betaald. In principe kan iedereen mee. Man en vrouw, jong en oud. Er vindt geen screening plaats. Wel wordt er vanuit gegaan dat elk bemanningslid gezond is.


Auteur

Arjan Brondijk Redacteur