Willem Molema schrijft boek over 125 jaar Veendam 1894

Willem Molema uit Oude Pekela schreef twee boeken over de historie van SC Veendam en het roemruchte stadion De Langeleegte. Nu heeft hij 125 jaar Veendam 1894 in kaart gebracht. Het boek wordt maandagavond 2 september gepresenteerd in het Veenkoloniaal museum in Veendam.

Het begin is onschuldig; leerlingen van de plaatselijke HBS die achter het huis van een huisarts voor het eerst tegen een bal schoppen en besluiten tot de oprichting van een voetbalclub. Het weiland van twee Joodse broers, veehandelaar Marcus en slager Philippus Bendik, is de locatie. Nu is het een plek van winkels en geparkeerde auto’s in hartje Veendam.

Het is 1894 en de voetbalsport, die in Engeland al floreert, krijgt ook Nederland en Veendam in de greep. Met veel Engelse termen in het begin. De Veendammer jongeren hebben zelfs hun boreling een Engelse naam gegeven: Look-Out. Terwijl steeds meer HBS-scholieren zich aan dit voor velen nog vreemde balspel wagen, sluit de laatste meisjesschool in Veendam.

De elite houdt Look-Out in leven

Het is vooral de elite die erin slaagt Look-Out in leven te houden en 125 jaar later bestaat de voetbalclub nog steeds: Veendam is de naam, ontstaan toen er een prinsesje (Juliana) werd geboren en uitgegroeid tot een volksclub nadat de arbeidersvereniging Jupiter zich bij de club had aangesloten. Voetbal dat zich niet in het centrum van Veendam ontwikkelde, maar aan De Langeleegte. En dat is anno 2019 nog zo.

De meisjesschool is al 125 jaar geschiedenis, voetballende meiden het heden en de toekomst. En de tragiek zit hem in de laatste bladzijden: het einde van de Joodse familie Bendik met het sinistere verhaal over het winkeltje naast het postkantoor.

Geen opsomming van feiten

De historie van 125 jaar Veendam 1894, na het faillissement van de betaalde buurman de nieuwe bespeler van stadion De Langeleegte, is geen opsomming van feiten, maar een aaneenschakeling van bijzondere momenten, gelardeerd met plusverhalen. Met sportieve hoogte- en dieptepunten, maar ook met drama’s binnen en buiten het veld. In veertien hoofdstukken, verdeeld over 308 pagina’s en voorzien van meer dan 150 foto’s. Elk hoofdstuk wordt op een bijzondere manier afgesloten.