Afstand tot leerlingen in coronatijd is pittig: Ik wil ze zien en af en toe een knuffel geven, maar dat kan niet!

,,Thuisonderwijs geven blijft een rare gewaarwording’’, zegt Truus Willemsen, leerkracht van groep 6 op obs Jaarfke in Scheemda. ,,Leerlingen moet je bij je hebben. Als je mij in mijn hart kijkt, vind ik het drie keer niks. Ik wil ze zien en af en toe een knuffel geven, maar dat kan niet!’’

In Oost-Groningen is alles gedaan om te zorgen dat leerlingen thuis kunnen doorwerken. Dat is belangrijk nu de periode van thuisonderwijs in coronatijd is verlengd. ,,Onze leerkrachten doen hun stinkende best’’, zegt Jaap Hansen, directeur van de Stichting Openbaar Onderwijs Oost-Groningen (SOOOG). ,,We zien prachtige, door de mensen zelf, ontwikkelde materialen en ideeën voorbij komen. De kennis over online en digitaal onderwijs is in zeer korte tijd vergroot.’’

iPads meegegeven aan kinderen

De leerkrachten op de 24 scholen van SOOOG hebben zoveel mogelijk iPads, notebooks en andere devices die op de scholen liggen meegegeven aan de kinderen. ,,We willen dat iedereen kan meedoen. Dat is aardig gelukt. Wel of niet verzekerd is nu geen interessante discussie. Dan vallen er maar een paar stuk’’, zegt Hansen.

Jan Paul Siebelink, schoolcoördinator en leerkracht bij obs Noordkaap in Oostwold, prijst de inzet van de ouders. ,,Die zijn heel hard bezig. Ze vragen ons hoe ze de kinderen aan het werk kunnen houden. Dat valt natuurlijk niet altijd mee. Kinderen kunnen tegendraads zijn of geen zin hebben.’’ Volgens Truus Willemsen, leerkracht van obs Jaarfke in Scheemda, geeft les aan 30 leerlingen in groep 6. Volgens haar is het contact met de ouders cruciaal. ,,Als ik met de kinderen bel, zitten ze er vaak naast. Ik stuur ze een mail en een lesbrief. Ouders hebben belang bij contact. Ze krijgen in de gaten dat hun kinderen op een dag best veel doen.’’

Internet niet altijd snel genoeg

Hansen denkt dat naarmate de coronacrisis langer duurt, het zeker niet gemakkelijker wordt. ,,Onze zorgen blijven en worden groter. Wij hebben collega’s die ziek zijn.’’ Ander punt is de snelheid van het internet. Siebelink: ,,Die valt niet altijd mee. Als je broertje of zusje een film kijkt terwijl jij aan het leren bent, is de internetverbinding een stuk trager.’’

Willemsen heeft iedere maandag individueel beeldcontact met alle leerlingen. ,,Ik vertel wat er van ze wordt verwacht. Tussendoor bellen we ook. Tot nu toe gaat het heel goed. Er zijn sites en programma’s waarop ik thuis kan zien of ze hun rekensommen maken. Doen ze niets of te weinig, dan bel ik. Vrijdag vraag ik alle leerlingen persoonlijk hoe het is gegaan en kijken we wat ik nog meer kan doen.’’

Vragen plakken op online prikbord

Bij Siebelink op school hebben ze een online prikbord. ,,Kinderen kunnen daar hun vragen op ‘prikken’ en krijgen dan antwoord. De kinderen zijn vooral bezig met rekenen, taal en spelling en begrijpend lezen. Willemsen: ,,We hebben voor iedere leerling een lespakket gemaakt. Over het algemeen gaat het zeer goed. Een meisje uit Syrië vindt alles digitaal doen niet zo fijn werken. Nou, dan print ik alles uit. Daarna wandel ik naar haar toe en hang ik alles wat ze nodig heeft aan de deurknop. Er was ook een meisje dat skypen met de juf een beetje eng vond. Nu is ze eraan gewend.’’

Na coronatijd schoolroutines oppakken hele klus

Siebelink sluit niet uit dat kinderen ondanks ieders inzet toch een leerachterstand oplopen. ,,Normaal gesproken zie je dat kinderen na de zomervakantie de schoolroutine missen. Ze moeten op gang komen en pakken het snel weer op. Die stap zal straks vele malen groter worden. Geen idee hoe we dat gaan aanpakken.’’ Siebelink is niet gecharmeerd van het idee om na de coronatijd enkel te focussen op rekenen, taal en lezen en dat ‘er door te jassen’. ,,Daar worden de kinderen niet beter van. Dat is saai. We moeten andere vakken ruimschoots blijven aanbieden.’’