Een museum voor studenten van alle leeftijden

GRONINGEN - De collecties van het Universiteitsmuseum vormen een bijzondere ode aan de wetenschap; de nieuwste tentoonstelling gaat over archeologische vondsten.

Pal naast de universiteit in de Groninger binnenstad staat het Groninger Universiteitsmuseum. Mooi weer of niet; er zijn genoeg bezoekers die zich laven aan de nieuwe én oude tentoonstellingen van het museum.

Opgezette dieren

,,Wat hier in het museum staat is misschien maar één procent van wat we hebben aan opgezette dieren”, vertelt medewerker Redmar Hein, terwijl hij naar de betreffende dieren wijst. In deze kamer vol opgezette dieren, de ‘Dead Zoo’ geheten, staan dieren uit alle windstreken en uit het hele dierenrijk tentoongesteld. Van zebra tot neusbeer, van reptielen tot kleurrijke vogels uit de jungle: de dieren lijken de bezoekers allemaal vanaf hun eigen plekje gade te slaan.

Noem de zaal ernaast gerust nóg een stapje enger. In de anatomiekamer, gebaseerd op het zeventiende eeuwse anatomietheater van de Rijksuniversiteit, staan de eeuwenoude preparaten op sterk water. Die werden oorspronkelijk gebruikt voor anatomielessen. Wellicht dat Aletta Jacobs zich daar ook door liet inspireren: de derde kamer op de bovenste verdieping is geheel aan haar gewijd.

Archeologie

Nieuwe, digitale onderzoekstechnieken spelen ook een rol in het Universiteitsmuseum. Want de wereld van de archeologie is vandaag de dag veel digitaler dan we doorgaans denken. En juist daar gaat de nieuwste tentoonstelling over.

Aan de hand van audio- en videofragmenten vertelt het museum hoe opgravingen wereldwijd gedaan worden. Via graftomben uit het oude Griekenland en Italië komt de bezoeker uit bij Queen Ann, een achttiende eeuws- scheepswrak. Dat was vermoedelijk een Engels koopvaardijschip en is gevonden in de klei bij het Flevolandse Ruten.

Opgraving wrak

Bij de opgraving van het wrak was ook de Rijksuniversiteit Groningen betrokken. Margreet Wieske, die in 2018 als student-assistent bij deze opgraving aanwezig was, legt uit wat de bezoeker er aantreft. ,,In het schip zijn vele kleine objecten gevonden, zoals baardmankruiken en wijnflessen”, zegt Wieske. Ze wijst de objecten één voor één aan. ,,Oo was er dit tandenborsteltje: een luxeproduct voor die tijd. Ik vind het bijzonder, dat je zoiets kunt opgraven, en weer in je handen kunt vasthouden.”

Het scheepswrak werd destijds gevonden door een ploegende boer. Hij ondervond daar eerst last van, maar inmiddels staat er op de plaats van de opgraving een monument, weet Wieske. Ze vertelt: ,,Ze hadden het geluk dat we als universiteit de opgraving mochten doen: het diende zo ook als leeropgraving. Eén kant van het schip werd rustig aan opgegraven. Je kon kalm aan, schrapend, naar beneden werken, tot je bij het hout van het schip kwam. ,,De vondsten worden netjes gedocumenteerd.” Nu liggen enkele van die vondsten tentoongesteld in het Groninger Universiteitsmuseum, in de tentoonstelling Dig-it-all.

Geschiedenis

,,Je hebt als universiteit een bepaalde geschiedenis die je wilt laten zien”, zegt Redmar Hein, over het belang van de tentoonstellingen. ,,En bovendien, het museum laat zien hoe belangrijk onderzoek is, en maakt mensen van jongs af aan enthousiast voor de universiteit.”

Kijk voor meer informatie op de site.

Akke Boonstra

www.rug.nl/university-museum/