Klots - Moddergat (Column David Stolk)

Mijn tante ‘baadde’ vroeger achter de dijk. Op ‘t Wad. Achter de dijk bij Moddergat. Mijn tante was altijd al een beetje gek. Prettig gestoord. Bij de naam Moddergat kreeg ik altijd wilde fantasieën. Een klein paadje door de duinen om een baai te bereiken waar mijn tante dan badderde en door een zeerover geschaakt werd. Niets was minder waar.

Geen duin, geen meanderend paadje, geen baai en de zeerover heette Wibbe. Die liep daar met zijn hond. Tegenwoordig bivakkeert mijn tante de helft van het jaar op Ameland. Nog steeds op zoek naar haar Bretonse visser.

Via de media viel mijn oog op een nieuwtje. Een positief nieuwtje in tijden van cholera. Delfzijl heeft een nieuw zandstrand met een heuse boulevard. Ook Henk de Haan vond het gebeuren ‘mooi man’. Dan moet het wel wat zijn. Ik ken het strandje wel van ooit. Dat was niet veel. Beetje viezig zelfs. Niet veel beter dan dat van Termunten. Zandstrand? Ammehoela. Dus ik zag het helemaal voor me. De boulevard van Delfzijl. Wordt het dan toch ooit eens wat met deze vernielde havenstad? Een boulevard met eettentjes, souvenirwinkeltjes, Chris Lich met een haringkar en een paar immigranten die watermeloenen of nepzonnebrillen verkopen. Wat wil ik op vekaanzie, ik heb het hier ja goud! In plaats van het Sicilië, het Cannes aan de Eems.

Zo op de diverse gedeelde foto’s zag het project van de gemeente er nogal megalomaan uit. Via een hippe loopbrug kom je op een wandelpromenade met daarachter het strand. Wauw. Het zal ook wel iets van de laatste tijd zijn. Armlastige gemeenten die grootse projecten ontwikkelen. Bijvoorbeeld een langste fietsbrug van Europa of een protserig nieuw gemeentehuis. Maar een paar ton voor een hockeyveld kon er niet af. Zo ook Delfzijl dus. Of nu Eemsdelta geheten. Daar is iets misgegaan met de naam. Denk ik. Een delta is een namelijk een waaier van zand en vertakkingen van een rivier. Maar het bekte leuk, denk ik. Kniesoor die daarop let.

Op een mooie zonnige zondag wilden wij ‘iets’ doen. In deze pesttijd best lastig. Om zelf iets te verzinnen. En een hut bouwen of verstoppertje spelen vonden wij wat overdreven. Ook de vis uit Termunten komt mij onderhand de neus uit. Ik opperde om de nieuwe boulevard in Delfzijl eens te gaan bekijken. Ik werd aangekeken of ik ze alle zeven nog wel had. Een boulevard? Delfzijl? Met allemaal kraampjes enzo? Dat wist ik natuurlijk niet, maar ik zei maar van ja. Ook omdat ik niets beters wist te verzinnen. Eenmaal in de havenstad aangekomen en over de loopbrug te zijn gewandeld, werd ik aangetikt. Dit is het? Deze betonnen bak? Met een zandbak? Ik keek om mij heen en inderdaad, het moet nog wat worden. De enige kraam die er stond verkocht Fish & Chips (ook zoiets). Althans dat was de bedoeling. Zij zochten nog personeel dus gesloten. Nog wel. Teleurgesteld liepen wij terug. Naast mij hoorde ik gegrom. Voor de vorm had zij de voeten even in het water gedompeld. Het zand ging al snel over in vieze slib. Bah! Vies moddergat...