Hotel Ter Apel - in de volksmond al gauw hotel Stukje genoemd - kende een roerig leven | Vervlogen tijden ...

Ter Apel kende vroeger voor een relatief klein dorp best wel veel hotels. Daar waren er rond 1900-1930 maar liefst zes van op maar een paar duizend inwoners: hotel Boschhuis, hotel De Poort, hotel Beckmann (het latere hotel De Posthoorn), hotel Timmer, hotel STAR en tenslotte hotel Ter Apel. Tegenwoordig is alleen nog hotel Boschhuis over.

Op bovenstaande ansichtkaart uit het begin van de vorige eeuw zien we hotel Ter Apel, in de volksmond al gauw hotel Stukje genoemd, naar de pachter en latere eigenaar Jan Stukje.

Het gebouw kende een roerig ‘leven’: In eerste instantie werd het als villa gebouwd rond 1880 door de vervener Gaijmans. Hij verkocht het gebouw begin 1893 aan huisarts Wildervanck en vertrok naar Amsterdam, waar hij wijnkoper werd. Een paar maanden na de koop overleed dokter Wildervanck al op 50-jarige leeftijd. Zijn weduwe besloot het hotel in 1894 voor 4000 gulden te verkopen aan de Eerste Groningsche Paardentram Maatschappij (EGTM). Die waren net op zoek naar een geschikt eindpunt voor hun paardentramlijn in Ter Apel, dus dat kwam goed uit.

Van villa tot hotel

Men verbouwde de villa tot hotel en er kwam een remise naast voor de rijtuigen en de paarden. De verbouwing van de villa werd in zeven maanden tijd uitgevoerd door aannemer Joh. Benus uit Stadskanaal. Toen konden de passagiers in het hotel wachten op de tram, eventueel overnachten in één van de zes kamers op de eerste etage en uiteraard iets eten of drinken. Het hotel had een grote zaal en er was een voor het gehele hotel lopende chique veranda, zoals we op bovenstaande foto goed kunnen zien.

Jan Stukje werd geboren op 27 december 1850 en hij werd schipper. Maar rond zijn 45ste jaar wilde hij graag voet aan vaste wal zetten en dus begon hij met het pachten van bovengenoemd hotel. Wie trouwens de kleine jongen is die tegen de boom leunt, is niet bekend, maar het zou maar zo een zoon van pachter Stukje kunnen zijn.

Paardentramlijn

Per 31 december 1911 werd de stekker uit de paardentramlijn van de EGTM getrokken en Stukje kreeg daarop de mogelijkheid het hotel te kopen voor 10.000 gulden, iets wat hij maar al te graag deed.

Nadat het hotel nog een paar andere eigenaren had gehad, kwam het in maart 1922 in handen van ene Klaas Staghouwer, eigenaar van een café in de stad Groningen, die het hotel kocht voor 21.000 gulden. Maar Staghouwer, die getrouwd was met Martje Evenhuis, verkocht begin oktober 1922 het hotel alweer aan Tijs Bakker uit Ter Apel.

Een zaak met een luchtje…

De reden? Hij leerde een andere vrouw kennen, éne Regina Schwartz en met haar verdween hij naar haar geboorteland Duitsland, eerst naar Hamburg, later naar Köln. De scheiding van zijn eerste vrouw werd pas uitgesproken in februari 1925 en in mei 1925 trouwde Staghouwer met zijn Regina. Het hotel zou officieel per 1 november 1922 overgaan, maar in de nacht voor de overgave brandde de zaak tot de grond toe af. Een zaak met een luchtje…

Staghouwer kwam kort voor de Tweede Wereldoorlog terug naar Nederland en ging samen met zijn vrouw Regina wonen in Amsterdam. Daar overleed hij ook op 60-jarige leeftijd in 1945. Het hotel werd niet weer opgebouwd en tegenwoordig is er niets meer van terug te vinden. Op de plek (begin Oosterstraat) bevindt zich nu een grasveldje met enkele bomen en een oorlogsmonument met alle namen van de gedeporteerde en omgekomen Joodse inwoners van Ter Apel tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Wilt u reageren op deze vervlogen tijden of zou u zelf graag een foto willen laten plaatsen: jbeen01@hetnet.nl