Kersemis - commentaar

Hoewel opgegroeid in een ongelovig gezin heb ik niets met het oer-heidense kerstfeest, door de op 79-jarige leeftijd overleden zonnestraaltje Lau (van Tiny) steevast pestpleuriskersemis genoemd. Voor mij telde in december maar één feest, die van Sinterklaas.

Uiteraard neemt de charme ietwat af als duidelijk wordt dat de Goedheiligman in het dagelijkse leven als kruidenier door het leven gaat, maar verdwijnen doet het nooit. Althans, dat dacht ik lange tijd.

Anno 2021 lijkt de mythe van Sint en zijn Pieten echter nagenoeg verleden tijd. 'Ja', er zijn intochten, en 'ja' de vrolijke verwachtingsvolle blikken van de kinderen zijn dezelfde als in mijn jongste jeugdjaren, maar het is anders lijkt het wel.

Loop je nu door een willekeurige stad of dorp dan zie je zelden meer winkels die de sfeer van Sinterklaas ademen. Mooi ingerichte vitrines met de Sint, wat Pieten, sneeuw en pakjes zijn op de vingers van één hand te tellen. En dat is jammer. Het lijkt wel of de winkeliers hun handen niet willen branden aan het volwassen gediscussieer over zwarte, blauwe, rode, roetveeg, knalgele of pimpelpaarse Pieten. 

Veilig kiezen voor het Amerikaanse commerciële gedrocht Santa Claus is het credo.

De statige oude man met witte baard en haren, rode mijter en mantel heeft amper voet aan wal gezet, of het Stille nacht schalt door de straten en de eerste kerstbomen worden opgetuigd. Er schijnen zelfs mensen te zijn - I kid you not - die half november hun kerstboom al in de kamer hebben staan.

In mijn beleving, en ik weet ook dat naarmate de jaren vorderen herinneringen wat gekleurd kunnen zijn, werd pas de gang naar de kerstbomenverkoper gemaakt als de Sint al lang en breed weer in Spanje zat. Nu gaan 'we' van het eveneens uit Amerika overgewaaide Halloween naadloos over in het tweeluik van de kerstman.

Blij dat ik als kind de magie van het aloude Sinterklaasfeest nog wel in al haar glorie heb meegemaakt.

Arjan Brondijk