Klots - Ik wou dat ik naar huis wou (column David Stolk)

Winschoten - Het wordt de hoogmis van het Winschoter literaire leven genoemd. Op kerstavond was het weer zover. De 25e editie van een Winteravond van het Korte Verhaal. Voor deze gelegenheid vond het plaats op het podium van theater De Klinker. Dit podium was vakkundig omgebouwd tot een groots café. Speciaal voor deze gelegenheid maar vooral omdat het zo uitkwam, was deze avond mijn oude vriend Roel onze gast.

Het moest een bijzondere editie worden. Dat werd het. Het onvolprezen Winschoter Stadsjournaal had speciaal een film gemaakt en onze interim-burgemeester Rika Pot opende vakkundig de mis. In totaal negen sprekers en twee pauzes passeerden de revue. Soms met beeld, af en toe met geluid, maar vooral met mooie teksten. De een wat serieuzer dan de ander. Soms wat plat, vaker had het voldoende diepgang. Normaliter staat dit hele circus in een kroeg ergens in Winschoten. Die kaarten zijn dan binnen enkele uren uitverkocht. Nu konden er bijna twee keer zoveel in. Nu verkocht het ook uit.

Artiestencafé

Mijn vrouw en mijn vriend gingen samen naar het theater. Als deelnemer werd ik eerder verwacht. In het artiestencafé. Daar stond wijn, bier en fris klaar. Wij laafden ons in deze weelde. Onze eerste technicus en zijn hulp waren toen al druk bezig met de voorbereidingen. Hij gromde nog steeds een beetje naar mij dat ik veel te laat mijn beeldmateriaal had aangeleverd. Dat had vóór) 1 december gemoeten. Terwijl ik de dag ervoor mijn verhaal pas af had. De sfeer in ons nieuwe onderkomen werd al snel frivool en de koelkast geraakte steeds leger. De avond moest nog beginnen.

Na een verloop van tijd ging ik op het podium, lees de zaal, kijken. Al groetend liep ik naar mijn gasten. Roel en mijn vrouw hadden al een fles wijn gekocht. Mijn Amsterdamse gast vond het mooi. Hij verstond zelfs Gronings. Hij lachte honderduit, vooral toen de tweede fles wijn leeg was en mijn vrouw al even spa blauw dronk.

Applaus

Na het door ons ontvangen applaus dronken wij nog een aantal drankjes aan de bar in het theatercafé. Op een gegeven moment gaat Roel Baco drinken. Maar wel met ijs. Dat bleek er niet te zijn. Daarom zijn we een deurtje verder gaan kijken. Carambole was daarom snel gevonden. Ik had mijn vrouw op het hart gedrukt dat wij rond een uur of twee thuis zouden zijn. Mijn vriend vermaakte zich uitstekend. Zo ook de mensen, vooral vrouwen, om hem heen. Ik keek op de klok en het was al twee uur geweest, ik zocht Roel om hem te zeggen dat wij aanstalten zouden moeten maken. Nergens.

Na een half uur her en der zoeken, stapte ik een ander café binnen en daar stond hij honderduit op een ‘happy hardcore’ nummer veel te uitbundig te dansen. Zijn sjaal had hij om zijn hoofd gebonden. ‘Hee Storkie!’ Ik hier?’ De mannen om hem heen keken hem wat bozig aan. Dit was teveel uitbundigheid van een man, hier in Oost-Groningen.

Kebab

Uiteindelijk kreeg ik hem mee. Halverwege de Torenstraat bedacht hij zich en zei mij dat hij absoluut nog Kebab moest eten. Hij keerde om en ik kon niet anders dan meegaan. Hij schreeuwde door de lege, natte straat: ‘Ik wou dat ik naar huis wou!’ ‘Ik ook!’ dacht ik. In de shoarmazaak wist ik hem te overtuigen het heerlijke eten mee te nemen. Een bevriende taxichauffeur zat ook aan de bar. Hij bracht ons voor vijf euro thuis. Aan de eettafel en achter het broodje kebab vroeg mijn vriend of ik ook Whiskey in huis had. Dat had ik.