'Westerwolde, je wordt steeds kaler'

Natuurliefhebber Wim Romijn trekt er regelmatig op uit. Tot zijn ontsteltenis moet hij constateren dat in Westerwolde er steeds meer bomen en struiken aan moeten geloven. "Herplant vindt nauwelijks plaats laat staan bosaanleg", aldus de inwoner van Vriescheloo. Zij conclusie: 'Westerwolde, je wordt almaar kaler en je wordt er niet knapper op'. Hij schreef onderstaand betoog.

Windsingels en houtwallen bestaande uit dubbele rijen met bomen worden teruggebracht tot een enkele rij, struiken en boomstruiken worden tot de grond gesnoeid; onze leveranciers van zuurstof, onze zuiveraars van vervuilde lucht. Als windsingels op deze wijze in toom worden gehouden, voel je hoeveel extra kracht je moet inzetten om tussen de landerijen te fietsen. Doe maar navraag bij schoolgaande kinderen en postbodes op de fiets. Stroken bos zijn inmiddels zodanig uitgedund dat de gevoeligheid voor stormschade is toegenomen.

De fauna krijgt het steeds moeilijker om dekking te vinden. Mensen die vaak in het veld vertoeven, nemen waar dat bij onstuimig weer reeën beschutting zoeken in droge sloten terwijl ze dat voorheen in bosstroken deden. Door rigoureuze dunning neemt nestelgelegenheid voor zang- en roofvogels af. Boommarters, bunzingen en andere marterachtigen (onze rattenvangers) verdwijnen door het sterk uitdunnen van bosstroken en windsingels. De voor onze voedselproductie onmisbare bijen en vlinders zijn afhankelijk van de bloesems en vruchten van berk, els,hazelaar, meidoorn, sleedoorn, wilg, en esdoorn; het zijn juist deze boom- en boomstruiksoorten die zo grootschalig tot op de grond verdwijnen.

Er zijn boomsoorten die na de kap vele jaren nodig hebben om tot kniehoogte uit te groeien of helemaal niet meer uitlopen.
Het is alom bekend dat door menselijk handelen (zoals terugbrengen van natuur) ook andere insectensoorten verdwijnen, voedsel voor zangvogels en vleermuizen.

De uitleg van dunning om op deze wijze tot verjonging te komen is misbruik maken van het gebrek aan kennis van bosbeheer. Het tij is te keren als er meer bomen en struiken worden aangeplant.

Hoe anders gaat mijn vorige woongemeente in Gelderland om met het groen. Er vindt nauwelijks kap plaats. Veldbiologen van de landbouwuniversiteit in Wageningen brengen het landschap in kaart en doen onder andere onderzoek naar kruiden en houden zich bezig met populatie-ecologie. Om de paar jaar worden meidoornstruiken gecontroleerd op 'perenvuur' (bacterieziekte) om tijdig te kunnen ingrijpen ter bescherming van de gehele opstand.

Nu woon ik in een gemeente die pocht op het bieden van rust (het geluid van kettingzagen en houtversnipperaars hoor je niet het gehele jaar) en natuur (weliswaar als productiefactor) aan bewoners, nieuwkomers en recreanten. Natuurbeheer is echter van een andere orde.

Hij roep Westerwolders op om geen verdere afbraak van onze natuur en ons landschap  te accepteren. "Ageer, voer actie zoals enkele omwonenden van de Pastorielaan in Vriescheloo dat een paar jaar geleden deden."